Rotterdamse onderwijsmonitor 2002

De Rotterdamse onderwijsmonitor (kortweg ROM) leverde uiteenlopende dataverzamelingen, onderzoeksrapportages en jaarverslagen om het Rotterdamse onderwijsveld in kaart te brengen, leverde geen overzicht. Verschillende rapporten leverde tegenstrijdige informatie. De kosten voor alle afzonderlijke rapportages liepen op. En het beheer van gegevens en informatie was verspreid over diverse instellingen.

De Loos Monitoring heeft in samenwerking met BMC Interface en CNS International een datamodel opgezet voor een integrale dataverzameling, waarin gegevens van diverse herkomst en kwaliteit zijn opgeslagen. Enkele opvallende zaken:
· door vergelijking van allerhande basisgegevens kon nieuwe informatie worden afgeleid (indicatoren);
· er zijn deelgemeentelijke en schoolbestuurlijke rapportages opgesteld, direct afgestemd voor een functioneel gebruik;
· middels de reportingtool DWExplorer werd het mogelijk verdiepende analyses en evaluaties te doen.

Hieronder een schematisch overzicht van de relatie tussen het datamodel en de functie voor bestuur en management.

Het datamodel is zeer uitgebreid en ‘uitbreidbaar’. Het kent een achttal feitentabellen, zoals ‘deelname’, ‘uitstroom’, ‘prestaties’, ‘examens’, ‘indicatie’, waarmee vrijwel alle relevante beleidsvragen kunnen worden beantwoord.
De feiten zijn gekoppeld aan een negental dimensies, waaronder ‘leerling’, ‘school’, ‘opleiding/toets’. Van deze drie dimensies zijn voor elk zo’n twintig kenmerken beschikbaar. Ten behoeve van de dimensie ‘tijd’ worden ook ‘historische’ gegevens opgeslagen. Zie hieronder een nader uitgewerkt datamodel.

thema’s
aanpak