• Home

Categorie: voorzieningen

onderwijsstelsel, instellingen, opleidingen

open dataset kwaliteitsindicatoren

De onderwijsinspectie stelt toezichtdata en kwaliteitsbeoordelingen beschikbaar. De Loos Monitoring heeft deze verwerkt voor analyse:
– toezichtarrangementen
– inspectieoordelen kwaliteitsstandaarden
– zwakke en excellente scholen
– kaders en type onderzoeken
– steekproeven

De kwaliteitsstandaarden betreffen:
– ruim 900.000 beoordelingen in 40.000 inspectieonderzoeken sinds 1998/’99
– in 2016/’17 25.847 beoordelingen in 1.361 onderzoeken
– 8 gebieden, 30 standaarden en bijna 2000 kwaliteitsindicatoren
Omdat niet alle scholen jaarlijks worden onderzocht, en ook niet met dezelfde kwaliteitsindicatoren, worden de oordelen gewogen, zodanig dat elke standaard per school één keer weegt in de vier jaar.

wachtlijsten buitenschoolse opvang
In januari 2005 zijn voor het laatst de wachttijden in de buitenschoolse opvang gepeild. Daaruit bleek dat Amsterdam en Utrecht een groot capaciteitsprobleem hebben. Beide steden hebben in 2004 de achterstand niet kunnen verminderen.
Zie verder ook een korte samenvatting van de resultaten, ook voor andere regio’s.

wachttijdenmodel kinderopvang

Service Ondernemersgerichte Marktgegevens (SOM)
In 2005 heeft De Loos Monitoring in samenwerking met EbbersConsult een plan opgesteld om te komen tot een Service Ondernemersgerichte Marktgegevens. Basis hiervoor vormde de studies (2003) en peilingen (2004) van wachttijden in de kinderopvang. Kern van dit plan is de elektronische levering van wachtlijstgegevens van kinderopvangcentra aan een centrale databank. Vanuit deze centrale databank worden de marktgegevens naar de ondernemers gerapporteerd. Het belang van marktgegevens voor ondernemers in de kinderopvang is evident. Belangrijk bij succesvol ondernemen is de vraag: hoe ontwikkeld mijn markt (de vraag) zich? Blijft mijn bezettingsgraad op peil? Hoe en wanneer vang ik krimp op?
De markt voor kinderopvang is anno 2005 vrijgemaakt en wordt snel vraaggericht en concurrerend. Met betere marktinformatie kan een ondernemer gerichter omgaan met investeringen in aanbod: personeel, gebouwen, organisatie, marktbewerking. Eisen die een ondernemer stelt aan marktgerichte informatie zijn: duidelijk, helder, actueel, op zijn situatie toegespitst en betrouwbaar. Tot op heden was het onmogelijk of moeizaam om deze marktinformatie te krijgen.
Het plan om met ondernemers in de kinderopvang, te komen tot deze service, is nader toegelicht in een brochure.
vijf kwartaalpeilingen wachttijden kinderopvang
In 2004 heeft De Loos Monitoring een vijftal wachttijdenpeilingen verricht in opdracht van ministerie SZW in samenwerking met KidsConcern. Zie ook een samenvatting van de recentste wachttijdenpeiling.
studie wachttijden kinderopvang
In 2003 heeft De Loos Monitoring een achttal studies verricht om te komen tot een zuivere peiling van de wachtlijsten en -tijden in de kinderopvang. Deze studies omvatte ondermeer:
• een kritische beschouwing van bestaande wachtlijstonderzoeken
• een model en een advies voor wachttijdmetingen
• een peiling van wachttijden bedrijfsopvang
• een studie van wachttijden in de gesubsidieerde-, particuliere- en bedrijfsopvang
meer voorbeelden:
Het eindrapport van de studies
bijlage 1 over eerdere onderzoeken naar wachttijden
bijlage 2 met nadere resultaten peiling wachttijden bedrijfsplaatsen
bijlage 3 een aanvullende studie naar wachtlijsten
bijlage 4 een gegevensmodel voor wachttijden
bijlage 5 regionale verschillen tussen wachttijden en wachtlijstprofielen
bijlage 6 bestaand onderzoek opnieuw bekeken
bijlage 7 wachtlijstonderzoek via ouderbevraging (NIPO/Vyvoj)
wat daaraan vooraf ging
In 1999 leverde De Loos Montoring een unieke monitor Kinderopvang af. Daarin werd een stedelijk overzicht gegeven van het gebruik van de kinderopvang in Den Haag. Belangrijke indicatoren betroffen het gezinsinkomen, verhouding tussen reguliere opvang en bedrijfsopvang en particuliere opvang, de ontwikkelingen in de dagopvang, naschoolse opvang en diverse flexibele opvang, en het gebruik door verschillende etnische groepen en gebruik in verschillende stadsdelen.
Ook de wachttijd tot aan de plaatsing werd in ogenschouw genomen, maar leidde tot een onverwacht resultaat: namelijk gemiddeld bestaat er geen wachttijd. Daarop verzocht de gemeente aanvullende analyses door De Loos Monitoring.
In samenwerking met de voornaamste Haagse instellingen is geconstateerd dat de gebruikte registraties en reeds verrichte wachtlijstpeilingen een aantal fundamentele fouten bevat, die een goede wachtlijstmonitoring onmogelijk maken. Voornaamste bevinden leidde wederom tot het beeld dat in de meeste gevallen er geen sprake is van wachttijd. Immers de ‘wachtlijsten’ zijn grotendeels ‘planningslijsten’, waarbij onterecht de ‘inschrijfdatum’ wordt genomen als startdatum van ‘het wachten’. Belangrijke groepen ‘wachtenden’ zijn daarnaast van de ‘wachtlijst’ gehaald, omdat een een kindplaats is ‘gereserveerd’. Veel ogenschijnlijk ‘wachtenden’ hebben veelal elders ‘opvang gevonden’.
Verder bleek nogmaals het belang van een goede ‘wachtlijstmonitoring’, mede voor een goede verantwoording van de uitbreidingsinspanningen, strategische productontwikkeling en effectief plaatsingsbeleid. Voorbeelden van indicatoren en nieuwe verbeterde presentaties zijn landelijk verspreid.
Door het netwerkbureau Uitbreiding Kinderopvang is De Loos Monitoring gevraagd deze visie toe te lichten en de consequenties in te schatten voor de prognoses van benodigde kindplaatsen en de toepassing van cijfermateriaal bij uitbreidingsplannen.

Basisindicator is de wachttijd: de tijd dat een kind daadwerkelijk wacht op een kinderopvangplaats. De wachttijd is het verschil tussen de plaatsingsdatum en de wensdatum.



De wachttijd is een eenvoudige, begrijpbare en herkenbare indicator.
De wachttijd heeft een bepaalde ‘spreiding’. Veel kinderen zullen direct (op wensdatum) of vrij snel geplaatst worden, terwijl sommigen lange tijd wachten. Deze spreiding wordt niet weergegeven met één getal(variantie) maar met een profiel. Een wachttijdprofiel toont wachttijden gekoppeld zijn aan percentages.
Voorbeeld van een profiel:
. percentage kinderen op (of voor) wensdatum geplaatst (= geplaatst vanaf de planningslijst)
. percentage kinderen binnen 1 maand na wensdatum geplaatst (= niet-tijdige plaatsing)
. percentage kinderen binnen 3 maanden na wensdatum geplaatst (idem)
. percentage kinderen na drie maanden nog niet geplaatst (idem)
. percentage kinderen uitgevallen (wacht nog óf elders geplaatst óf gekozen voor informele opvang)



Naast de spreiding kan de gemiddelde wachttijd berekend worden. Daarbij worden wachttijden gemaximeerd voor de uitval. Vooralsnog wordt een maximum aangehouden van een half jaar.


In 2003 is De Loos Monitoring de gemeente Den Haag behulpzaam geweest bij de inventarisatie van wachtlijsten op de Haagse voorscholen. Dit ten behoeve van een gerichte uitbreiding van de capaciteit.
Eerste hobbel om te nemen was een helder beeld te krijgen van wachtlijsten zelf. Daartoe is het volgende schema opgezet.
wachtlijstmodelVVE.gif
Op basis van dit wachtlijstmodel, is een formulier ontwikkeld waarmee de wachtlijsten nu en in de nabije toekomst in kaart zijn gebracht, rekening houden met een mogelijke uitbreiding van de capaciteit. Het formulier is geschikt bij een minder goede registratie van inschrijvingen en plaatsingen. Leidster kunnen met dit formulier ook zelf in de toekomst hun eigen wachtlijsten ‘voorspellen’.
formulier VVE

De Loos Monitoring levert standaardindicatoren of ontwikkelt ze desgewenst op maat van de informatievraag. Hieronder een korte exposé van indicatoren voor het primair onderwijs:
· leerwinst (toegevoegde waarde)
· integratieindicatoren
· spreiding doelgroepen voorschool over het land
· fusiegolf in het basisonderwijs & effecten
· typeprofiel primair onderwijs
· belang van de regionale functie
· weging van achterstandsfactoren (hieronder een voorbeeld)

· schoolscoregroep
· eindtoets en afwijkingsscore schoolscoregroep
· percentage vertragingen basisonderwijs
· trajecten (in- en uitstroom) basisonderwijs, speciaal basisonderwijs en expertise centra
innovatie “leerwinst” uitgelicht
LeerWinst is een innovatieve aanpak om de toegevoegde waarde te berekenen. Het vormt een echt alternatief om eerlijk schooleffectiviteit te beoordelen. LeerWinst wordt berekend met behulp van uw toetsadministratie. De Loos Monitoring heeft in aansluiting met de LeerWinst-methode:
· peilingen geschikt gemaakt voor leerlingen met extreme goede prestaties (A+ tot en met A+++) en voor speciaal onderwijs (leerachterstanden van meer dan 2 jaar);
· deze methode geïntegreerd met het Onderwijscontinuüm;
· effectiviteit verbijzonderd naar leerlingen met leerachterstanden (criteria: ‘onder minimum’, ‘onvoldoende’ en ‘voldoende’);
· een internetrobot ontwikkeld voor verzameling van toetsresultaten;
Zie elders meer informatie. Hier al vast links naar flyers betreffende het hoe en waarom, over bovenschoolse vergelijkbaarheid en de landelijke norm en over het gebruik van uw toetsadministratie.