• Home

Categorie: onderwijsbeleid

De Loos Monitoring heeft de datamart onderwijs ontwikkelt.

De datamart is een veelzijdige bron voor monitoring en benchmarking. Meer hierover bij de “datamart onderwijs”.
De datamart onderwijs is in feite een stel, onderling samenhangende, informatiekubussen met landelijke onderwijsdata.

De voornaamste bronnen zijn:
. open onderwijsdata;
. basisgegevens bekostigd onderwijs;
. onderwijsresultaten (voorheen kwaliteitskaarten).

Deze informatiekubussen kunt u via deze pagina downloaden.
Open Onderwijsdata is in korte tijd verworden tot de centrale plaats waar datasets te vinden zijn:
. scholen en passend onderwijs
. opleidingen en diploma’s
. leerlingen en leerlingenstromen
. personeel
. financiën en bekostiging
. van primair tot wetenschappelijk onderwijs

Op de site staan de vijf recentste jaren. De Loos Monitoring beschikt over de datasets vanaf 1998/1999.
Ook via deze site staat de voormalige dataset (voor gemeenten): basisgegevens bekostigd onderwijs (BBO). Daar in staan onder meer:
. leerlingen primair onderwijs
. schoolwisselingen primair onderwijs
. trajecten speciaal onderwijs
. omvang opleidingen voortgezet onderwijs en beroepsonderwijs
. leeftijd en etnische herkomst voortgezet onderwijs en beroepsonderwijs
. woongemeenten en voortijdig schoolverlaten voortgezet onderwijs en beroepsonderwijs
. gediplomeerden voortgezet onderwijs en beroepsonderwijs
. gegevens over vestigingen, instellingen, besturen en samenwerkingsverbanden
. fusies, samenvoegingen, opheffingen en splitsingen

De onderwijsinspectie heeft een eigen site voor onderwijsdata. Maar ook is een deel beschikbaar via DANS.
Daar zijn de onderwijsresultaten voortgezet onderwijs (voorheen toezichtkaarten en daarvoor kwaliteitskaarten) te vinden met:
. examenresultaten
. cijfers op schoolexamens en centraal examens
. trajecten en snelheid onderbouw
. rendement bovenbouw
. oordelen onderwijsinspectie
. vestigingsgegevens
Voor de onderwijsresultaten is wel toestemming nodig van de onderwijsinspectie. Op de site van de onderwijsinspectie zelf kunnen vrijelijk datasets worden gedownload over:
. kwaliteitsindicatoren
. toezichtarrangementen
. steekproeven
. excellente scholen
. (zeer) zwakke scholen

De Loos Monitoring verwerkt deze dataset tot onderling samenhangende informatiekubussen.
Deze informatiekubussen kunt u voor een deel via deze site downloaden (zie voorbeelden).

De Rotterdamse ROF-cie. Monitoring & Evaluatie produceerde vanaf 2007 het Rotterdams onderwijsverslag.
Het onderwijsverslag beoogt jaarlijks een helder en genuanceerd beeld te geven van het Rotterdamse onderwijs en de kwaliteit te vangen in kwaliteitsprofielen. Het verslag toont in een oogopslag waar sterke punten, zwakke punten en aandachtsgebieden liggen.

In het verslag gelden niet enkel de landelijke normen, maar is doelgericht gekozen voor regionale referenties en grootstedelijke kwaliteitsindicatoren.
Dat is een dappere keuze, een verdieping en precisering van de aanpak door de onderwijsinspectie. Deze keuze toont dat het Rotterdammers ernst is met de kwaliteit van onderwijs.
Er wordt in alle geledingen en op alle niveaus in het Rotterdamse onderwijs met veel inzet en liefde gewerkt aan de kwaliteit van het onderwijs, dat wij aan Rotterdamse kinderen aanbieden. Dat verdient veel waardering, maar ook een kritische blik om te bezien wat er verbeterd kan/moet worden.
Het is de bedoeling om het gevoel van urgentie te vergroten en nuanceren van de problematiek, een bijdrage aan het maken van breed gedragen keuzes, ten einde de Rotterdamse kinderen het onderwijs te bieden waarop zij en zeker ook de stad recht hebben.

Voor het onderwijsverslag 2009, 2010 en 2011 leverde De Loos Monitoring:
. ontwikkeling van visie schoolprofiel
. samenstellen kwaliteitsprofielen
. definitie kwaliteitsindicatoren
. bepaling thema’s webenquête
. ontsluiting bronnen
. functioneel ontwerp levering toetsresultaten
. berekenen resultaten
. vaststellen referentie en normen

Vanaf 29 maart 2011 is er een update beschikbaar van de basisgegevens bekostigd onderwijs 2011. Zie verder ook onder “relevante artikelen” hiernaast.
De BBO-levering bevat de recentste landelijk gegevens op vestigingsniveau over:
– aantallen leerlingen naar onderwijsvorm, opleiding en gewicht (AT-telling);
– aantallen gediplomeerden naar opleiding (DP-telling);
– aantallen leerlingen naar (etnische) herkomst (CU- & ET-telling);
– aantal typewisselingen primair onderwijs (IN- & UI-telling);
– aantal schoolwisselingen primair onderwijs (BH- & SH-telling);
– aantal voortijdig schoolverlaters inclusief omvang basispopulatie naar woongemeente (WG- & VS-telling);
– Bestuur/Vestiging/Fusies (NAW- & FUS-leveringen).
In de datamart onderwijs worden de meest recentste tellingen toegevoegd aan de historische tellingen. Daarbij worden gemeenten (herindelingen) en vestigingen (fusie) en opleidingen (was/wordt) geactualiseerd. De actuele labels worden toegevoegd aan codes en worden gekoppeld aan de (binnen datamart onderwijs integraal) gehanteerde dimensies.
De datamart onderwijs BBO is vrijelijk beschikbaar via deze site.
U kunt ook via deze site uitsluitend de recentste gegevens downloaden, dus zonder historische leveringen, definitieve naleveringen, toelichtingen en bijlagen. Zie hiervoor onder “voorbeelden”. U kunt uw opmerkingen en vragen kwijt via rinus@deloos.net.

Sinds jaar en dag levert DUO-informatieproducten de set “basisgegevens bekostigd onderwijs” (BBO) per 1 februari. Sinds 2010 verloopt de beschikbaarstelling niet goed: er vindt geen onderhoud plaats en de levering verschoof verder op in de tijd.
Gemeenten, onderwijsadviseurs (-begeleiders, -onderzoekers) en administratiekantoren (en gespecialiseerde leveranciers) worden verwezen naar de etalagebestanden op “feiten & cijfers” (F&C).
De etalagebestanden voorzien voor velen afdoende in de hun informatiebehoefte. Dit betreft in veel gevallen informatieafnemers die minder nauw betrokken zijn bij het onderwijs (studenten, bedrijven, instellingen) of waarvoor deze informatie niet de kern van hun werkzaamheden of producten raakt (bv. GGD’s, enquêtebureaus).
Etalagebestanden zijn evenwel ontoereikend in geval van gemeenten, onderwijsadviseurs en -leveranciers; Zij hebben behoefte aan meer gedetailleerde gegevens en/of specifieke analyses.
Gemeenten gebruikt de BBO voor de uitvoering van hun wettelijke taken, zijn lokaal leverancier van geconsolideerde basisinformatie én kunnen hiermee hun rol innemen als voorname lokale belanghebbende.
Onderwijsadviseurs en -leveranciers gebruiken deze bestanden voor om. verdiepte analyses, benchmarks, publieke indicatoren, managementinformatie toepassingen, verkenningen en validering.
De beschikbaarstelling van de BBO-set voorziet in een lacune voor gespecialiseerde afnemers, sinds DUO geen maatanalyses voor derden levert.
Het ministerie was niet op de hoogte van deze dringend behoefte bij gemeenten, onderwijsadviseurs en -leveranciers, en had tot op heden de BBO’11 nog niet beschikbaar gesteld. Ook onderschatte het ministerie het belang van de tijdigheid. De gegevens waarover het ministerie beschikt zijn namelijk van een hoge kwaliteit. Centrale beschikbaarstelling levert een aanzienlijk efficiëntieverbetering voor gegevensleveranciers (in casu de scholen).
In overleg met een vertegenwoordiging van de G31 en van externe onderwijsspecialisten, heeft DUO toegezegd (10 maart 2011) dat deze alsnog voor het einde van het maand beschikbaar wordt gesteld via hun site.
Daarna zal stap voor stap (en in overleg) de aloude BBO verhuizen naar de huidige publieke (en afgeschermde) portals van DUO-informatieproducten. Daarbij zullen ook andere partijen worden betrokken (wo. VNG, VSO, LVO).

De Loos Monitoring heeft op verzoek van de gemeentelijke afdeling Onderzoek & Statistiek bijgedragen aan de Zwolse trendrapportage onderwijs. De trendrapportage biedt een breed overzicht aan kwantitatieve en deels kwalitatieve gegevens die iets zeggen over het onderwijs in Zwolle.
Voor het primair en voortgezet onderwijs stelt het ministerie regulier betrouwbare basisgegevens beschikbaar. Deze gegevens zijn afkomstig van DUO (toentertijd CFI) en zijn bewerkt door De Loos Monitoring. Gezien lacunes in de informatie, heeft De Loos Monitoring voor een aantal thema’s in de trendrapportage aanvullende gegevens opgevraagd bij onderwijsinspectie én informatieproducten DUO:
. landelijke gegevens over schorsingen en verwijderingen per instelling;
. landelijke gegevens over tegemoetkomingen studiekosten per instelling;
. landelijke gegevens Onderwijs in Cijfers per instelling (financiën, personeel & doorstroom).
Voor de trendanalyses leverde De Loos Monitoring betrouwbare resultaten vanaf 1998/’99, waarvan in de trendrapportage alleen de vijf recentste schooljaren zijn benut.
De overzichten in de gehele trendrapportage kennen een strakke eenduidig opzet. Leidend bij de presentatie van de uitkomsten was het idee, dat in elk overzicht en paragraaf een ‘bite’ bevat, een prikkelde opvallende gegeven. Dit houdt aandacht en interesse van de lezer vast:
. soms betrof dit een prikkelende combinatie van aantallen, subtotalen en kengetallen (bijvoorbeeld ‘verlate overgang po>vo’);
. soms leverde overzichten nieuwe informatie over bijvoorbeeld wijken, zoals ‘verwijzingen speciaal onderwijs per wijk’;
. er werden nieuwe manieren gezocht om te kijken naar onderwijs: niet alleen bevatte de trendrapportage telling en trends naar onderwijsniveau, maar ook naar opleidingsrichting (bv. techniek vs. landbouw, economie en/of zorg) en schooltype (bijvoorbeeld regulier vs. leerwegondersteuning);
. de trendrapportage bevat ook diverse vergelijkingen tussen Zwolle en GSB-steden;
. vermeldenswaardig zijn ook de driejaaroverzichten, waarin de meest relevante kengetallen zijn bijeengebracht. Voor de overzichten naar denominatie of steden zijn de uitkomsten herberekend als driejaargemiddelden.


Verder leverde De Loos Monitoring enkele onderwijsinhoudelijke bijdragen, en beoordeelde De Loos Monitoring resultaten die door andere onderzoeksbureaus werden aangeleverd.

Vanaf voorjaar 2000 is De Loos Monitoring betrokken geweest bij het Amsterdamse programma Naar Betere Resultaten. Dit programma kent een drietal monitoringstakken, te weten:
· het verbeterde gebruik van de leerplichtregistratie t.v.b. onderwijsmonitoring en management;
· het meten van de schoolverbeteringen t.b.v. geformuleerde prestaties en beleidsdoelstellingen;
· het optimaliseren van de informatievoorzieining onderwijs t.b.v. een snelle en betrouwbare rapportages over onderwijs relevante indicatoren.
Aanvankelijk voerde De Loos Monitoring allerhande werkzaamheden uit betreffende ‘schoningen’, ‘grafische presentaties’, ‘standaardrapportages’ en ‘bestandsmanipulaties’.
In aansluiting daarop is De Loos Monitoring meer en meer ingezet voor interne coaching, ‘probleemoplosser’ en begeleiding.

Welke informatie is meest gewenst?
Rapportages en informatiekubussen bevatten veel informatie.
Niet alle informatie is in gelijke mate relevant, actueel, urgent, sprekend, illustratief, verklarend, onderscheidend, grafisch lekker weer te geven, snel op te leveren, nader te detailleren of generiek …..
Dus hoe te kiezen? Hoe informatie beleidsrelevantie te krijgen?
De gemeente Den Haag leefde met de wens om uit allerhande rapportage en gegevensverzamelingen, het meest beleidsrelevante te selecteren.
Al snel werd duidelijk dat een rapportage beleidsrelevant is:
· omdat het antwoord geeft op de vragen uit het verleden (vaak de aanleiding voor de rapportage);
· omdat de bron zelf verrassende resultaten te zien geeft;
· en omdat aanpalende beleidsterreinen aspecten relevant achten.
De Loos Monitoring heeft een aanpak opgesteld te komen tot een explicitering van de informatievraag. Met deze aanpak wijst (in dit geval) het beleid de onderzoekers op voorhand op aandachtspunten. Tegelijkertijd geeft deze aanpak de onderzoeker ruimte om op basis van tussenresultaten te komen met opmerkelijke zaken.
De aanpak geeft ook aan hoe bij de productie en de presentatie beleid en onderzoek elkaar wederzijds kunnen motiveren en gezamenlijk kunnen sturen naar een meer effectvolle verslaglegging.

In de zomer 2003 wilden de vier grote steden aantonen dat het gemeentelijk onderwijsachterstandenbeleid (GOA-beleid) er toe deed.
En zo ook de lokale monitoring van het onderwijsbeleid.
Aanleiding was het voornemen van de minister het GOA-beleid af te schaffen.
De G4 wilde het belang van lokale monitoring aantonen door bijzondere voorbeelden hiervan te etaleren. Deze voorbeelden op diverse thema’s tonen aan,dat lokale onderwijsverbeteringen en het succes daarvan onlosmakelijk verbonden zijn met een goede informatievoorziening ter plekke.
De voorbeelden uit de steden, staan model voor wat in de andere G4 (en G21) speelt op het gebied van lokale onderwijsmonitoring.
Voor een inbedding van de lokale ‘specials’ in dit bredere perspectief, heeft De Loos Monitoring een globale maar brede vergelijking gemaakt van de onderwijsposities in de G4 en G21.
Gezien de actualiteit was voortvarendheid en gemeenschappelijkheid noodzakelijk. Met de datamart onderwijs zijn in korte tijd vele G4/G21-vergelijkingen gemaakt.
De Loos Monitoring heeft ook bijgedragen aan de opzet van de rapportage en de verwerking van de lokale ‘specials’. De publicatie is uitgesteld.

De Rotterdamse onderwijsmonitor (kortweg ROM) leverde uiteenlopende dataverzamelingen, onderzoeksrapportages en jaarverslagen om het Rotterdamse onderwijsveld in kaart te brengen, leverde geen overzicht. Verschillende rapporten leverde tegenstrijdige informatie. De kosten voor alle afzonderlijke rapportages liepen op. En het beheer van gegevens en informatie was verspreid over diverse instellingen.
De Loos Monitoring heeft in samenwerking met BMC Interface en CNS International een datamodel opgezet voor een integrale dataverzameling, waarin gegevens van diverse herkomst en kwaliteit zijn opgeslagen. Enkele opvallende zaken:
· door vergelijking van allerhande basisgegevens kon nieuwe informatie worden afgeleid (indicatoren);
· er zijn deelgemeentelijke en schoolbestuurlijke rapportages opgesteld, direct afgestemd voor een functioneel gebruik;
· middels de reportingtool DWExplorer werd het mogelijk verdiepende analyses en evaluaties te doen.
Hieronder een schematisch overzicht van de relatie tussen het datamodel en de functie voor bestuur en management.

Het datamodel is zeer uitgebreid en ‘uitbreidbaar’. Het kent een achttal feitentabellen, zoals ‘deelname’, ‘uitstroom’, ‘prestaties’, ‘examens’, ‘indicatie’, waarmee vrijwel alle relevante beleidsvragen kunnen worden beantwoord.
De feiten zijn gekoppeld aan een negental dimensies, waaronder ‘leerling’, ‘school’, ‘opleiding/toets’. Van deze drie dimensies zijn voor elk zo’n twintig kenmerken beschikbaar. Ten behoeve van de dimensie ‘tijd’ worden ook ‘historische’ gegevens opgeslagen. Zie hieronder een nader uitgewerkt datamodel.

De datamart Onderwijs bevat gegevens van het ministerie, de onderwijsinspectie, IB-groep en het CBS.
Met de datamart Onderwijs beschikt De Loos Monitoring over een rijke en gedetailleerd bron en vertrek voor beleidsmatig en bestuurlijk gebruik. De datamart Onderwijs maakt het mogelijk dynamisch en kordaat te anticiperen op actuele vragen.
De datamart Onderwijs bevat landelijke gegevens over leerlingenpopulatie en scholen, gemeenten en besturen, formatie, schoolkeuzeadviezen, trajecten en rendement, prestaties, opleidingen en diplomering vanaf 1995/1996. De datamart Onderwijs bevat niet alleen aantallen en percentages, maar ook complexe kengetallen. De datamart Onderwijs kan aldus direct worden ingezet bij verkenningen, analyses, rapportages, voor sprekende, valide en actuele informatie. De datamart verkort en versterkt de analyse van uw onderwijsveld.
Met de datamart Onderwijs verschuift de aandacht van de dataverwerking naar de beoordeling van de beleidsrelevantie en urgentie. De datamart Onderwijs doet waarvoor de data beschikbaar worden gesteld, te weten het versterken van het lokale en bestuurlijke beleidsproces.
De datamart Onderwijs zorgt voor een volledige ontsluiting van de bronnen. Diverse onderwijstypen en historische gegevens zijn geïntegreerd. Fusies en vernieuwingen zijn volledige verwerkt. De datamart is bij uitstek geschikt voor trendanalyses, benchmarking en toplijsten. De datamart Onderwijs wordt elk jaar geactualiseerd. Naast overzichten en verkenningen levert de datamart Onderwijs in een handomdraai aanvullende, verdiepende en specifieke tabellen en presentaties.
ontwikkeling datamart Onderwijs
De datamart Onderwijs is mede ontwikkeld door datawarehouse-specialist CNS International
De datamart kent diverse informatiekubussen. Voornaamste bronnen vormen de BBO-levering (basisgegevens bekostigd onderwijs) en de KK-levering (toezichtkaarten, voorheen kwaliteitskaarten). De opzet van alle kubussen is identiek:
. alle beschikbare schooljaren zijn opgenomen in de kubussen
. de verschillenden kubussen hebben verschillenden feiten en indicatoren
. het laagste detailniveau is in de kubussen beschikbaar, maar zijn zo mogelijk op een identieke manier de dimensionaliseerd met gelijke aggregatieniveaus
. de dimensies zijn geactualiseerd, dat wil zeggen dat historische gegevens zijn geactualiseerd naar de actuele situatie (het voormalige vbo is verandert in het vmbo-kb). Ook zijn scholenfusies en verhuizingen verwerkt.
De datamart wordt jaarlijks geactualiseerd. U wordt op de hoogte gebracht van de beschikbaarstelling van nieuwe bronnen.
De Loos Monitoring stelt de informatiekubussen vrijelijk beschikbaar en stelt verder geen nadere verplichtingen voor de gebruiker.
De Loos Monitoring levert uiteraard graag analyses, rapporten, indicatoren, grafieken op maat.
inbedding datamart Onderwijs
Analyseren met de datamart Onderwijs is eenvoudig. Maar De Loos Monitoring kan u daarbij behulpzaam zijn, en voor u een publicatie of rapportage verzorgen op basis van gegevens uit de datamart.
De Loos Monitoring kent als geen ander de mogelijkheden die in de kubussen vervat zitten. Daardoor kan De Loos Monitoring voor u analyses, rapporten, indicatoren en grafieken ontwikkelen die naadloos passen op het de informatievraag en de informatiegebruiker: of dit nu een school, bovenschools manager of een adviseur is, een ouderorganisatie, een bestuur of een lokale scholengroep is, een gemeente of coördinator is.
De Loos Monitoring beschik verder over een gevarieerd set van additionele kenmerken en aggregaties. Zo kan De Loos Monitoring de kubussen verrijken allerhande kenmerken van populaties, scholen, onderwijsvormen, buurten en meer, mede op basis van CBS-Statline.
Maatwerk is mogelijk. Lokale en eigen bronnen kunnen worden toegevoegd aan de datamart Onderwijs. Nieuwe indicatoren kunnen worden ontwikkeld en uitgerekend. Schoolprofielen kunnen worden samengesteld.
De datamart Onderwijs past in een dynamische visie op onderwijsmonitoring en benchmarking. Tot 2005 was de datamart Onderwijs te raadplegen via Datawarehouse Explorer (DWExplorer), een webbased analysis & reportingtool. De huidige versie is vooralsnog enkel beschikbaar in SPSS. De huidige versie is nog steeds voorbereid voor een upgrade en geschikt te maken voor raadpleging via DWExplorer of andere tool. De Loos Monitoring en samenwerkende partners kunnen u adviseren.

  • 1
  • 2