• Home

Categorie: data & analyse

In alle informatiekubussen van De Loos Monitoring zullen plaatscodes en buurtcode staan vermeld, in plaats van een plaatsnaam of een postcode. En wanneer een stad, stadsdelen of deelgemeente kent, zullen deze de plaats innemen van … de plaats. Alle actuele en voormalige gemeenten zijn in te delen in tal van regio’s, waaronder provincies, RMC-regio’s of de mate van stedelijkheid.
Jaarlijks actualiseert De Loos Monitoring de plaatscodetabel, de gemeentefusies en de regionale indelingen, op basis van open datasets bij het CBS.

plaatscode
In lokale en open datasets met een plaatsnaam zal De Loos Monitoring deze plaatsnaam omzetten in een plaatscode. Daarmee komt een eind aan diverse schrijfwijzen en/of het gedoe rondom plaatsen (en gemeenten) met een zelfde naam. Om de plaatsnamen om te zetten, gebruikt De Loos Monitoring aan de ene kant de plaatscodetabel van het CBS, en aan de andere kant een plaatsnamen-vertaaltabel, met daarin alle voorkomende schrijfwijzen (met of zonder hoofdletters en/of provincieletters).

wijkbuurtcode
Ook is een postcode in een dataset eigenlijk helemaal niet handzaam, want de postcode is eigenlijk altijd te gedetailleerd. Het levert ook weinig extra informatie op. De Loos Monitoring heeft een postcodetabel aangeschaft waarmee postcode kunnen worden omgezet naar een wijkbuurtcode. En zo is dan ook gelijk de buurt, de wijk én de gemeente bekend (en gecodeerd).
Bij het CBS is allerhande informatie beschikbaar op buurt- en wijkniveau, waaronder gemiddelde prijs van een woning, werkeloosheidspercentage en opkomstpercentage tijdens verkiezingen.

stadsdelen
Voor een vijftal gemeenten heeft De Loos Monitoring nu de wijken ingedeeld in stadsdelen (of deelgemeenten). Zo kent de gemeente Rijswijk (code 0603) tweeëndertig buurten, negen wijken én vier zones (Midden, Oost, Zuid en West). De zones vervangen dan de plaatsnaam Rijswijk (code 2459).

regio’s
Jaarlijks levert het CBS een bijgewerkte indeling van regio’s. De bekenste daarvan zijn natuurlijk de provincies. Maar voor onderwijsland zijn de RMC-gebieden relevant. Andere indelingen zijn onder meer ‘mate van stedelijkheid’ en ‘gemeentegrootte’. Zelf heeft De Loos Monitoring gemeente ingedeeld op basis van deelname aan het (voormalige) grotestedenbeleid (G4, G27, G5 ‘Ortega’) en/of het G40-stedennetwerk.

Er is een nieuwe reeks open datasets beschikbaar rondom de overgang (speciaal) basisonderwijs naar het voortgezet onderwijs. Met daarin onder meer:

. de verstrekte adviezen
. de toetsresultaten en toetsadviezen (hoger of lager dan het aanvankelijke basisschooladvies)
. toetskeuzes van scholen (inclusief de toets-switchers). referentiekaders (lees-, taal- en rekenvaardigheid)
. de heroverwegingen die al dan niet leiden tot een bijgesteld advies
. de verlate overgang van zittenblijvers

De Loos Monitoring heeft bijgedragen aan de opzet van deze datasets.

 

open dataset kwalitetisindicatoren
De onderwijsinspectie stelt toezichtdata en kwaliteitsbeoordelingen beschikbaar. De Loos Monitoring heeft deze verwerkt voor analyse:
– toezichtarrangementen
– inspectieoordelen kwaliteitsstandaarden
– zwakke en excellente scholen
– kaders en type onderzoeken
– steekproeven
De kwaliteitsstandaarden betreffen:
– ruim 900.000 beoordelingen in 40.000 inspectieonderzoeken sinds 1998/’99
– in 2016/’17 25.847 beoordelingen in 1.361 onderzoeken
– 8 gebieden, 30 standaarden en bijna 2000 kwaliteitsindicatoren
Omdat niet alle scholen jaarlijks worden onderzocht, en ook niet met dezelfde kwaliteitsindicatoren, worden de oordelen gewogen, zodanig dat elke standaard per school één keer weegt in de vier jaar.

Op Open OnderwijsData van DUO staan allerhande datasets. DUO wil met de datasets op Open OnderwijsData voorzien in een brede informatiebehoefte.
De Loos Monitoring verwerkt de datasets tot informatie op maat en analyseert de uitkomsten.
De allereerste datasets die DUO plaatsten op Open OnderwijsData, waren de BBO-datasets. BBO staat voor Basisgegevens Bekostigd Onderwijs.
De BBO-datasets zijn beschikbaar gesteld sinds 2001/’02. De datasets zijn toentertijd opgemaakt ten behoeve van de grote steden in het kader van het GOA-beleid (gemeentelijk onderwijsachterstandenbeleid). Het GOA-beleid bestaat niet meer, maar de datasets zijn gebleven. De datasets bleken geschikt voor tal van toepassingen.
In de BBO-datasets staan leerlingenaantallen primair, voortgezet, middelbaar en hoger onderwijs, uitgesplitst voor onderwijsvorm en schoollocatie. In de verschillende datasets wordt vervolgens nader uitgesplitst naar geslacht, leeftijd, woongemeente en/of gewicht, leerjaar, vsv, herkomstschool, van/naar so, diploma’s.
Meest recent zijn nu de BBO-datasets 2016/’17.
Het aantal datasets op Open Onderwijsdata breidt nog steeds uit (of worden daarheen verhuisd). De Loos Monitoring houdt bij welke landelijk onderwijsgegevens beschikbaar zijn op Open Onderwijs data (of elders) en welke dataset nog niet beschikbaar zijn.

Sinds maart 2009 is De Loos Monitoring doende BRON te ontsluiten voor beleidsmatige gebruik van de beschikbare gegevens. De nieuwste ontwikkelingen betreffen de ontsluiting van schoolloopbanen, en een belangrijke revisie van de “kubus inschrijving”.

kubus schoolloopbaan
De kubus “schoolloopbaan” volgt niet welke opleidingen leerlingen/deelnemers volgen, maar richt zich op inschrijvingen op vestigingen en campussen. De kubus geeft speciale aandacht aan niet-reguliere inschrijvingen, die met de andere kubussen niet kunnen worden belicht zoals:
– fantoom inschrijvingen;
– flits inschrijvingen;
– korte inschrijvingen.
Ook houdt de kubus bij, hoeveel scholen er op enig moment door de leerling/deelnemers zijn bezocht.
De kubus is te koppelen aan andere informatiekubussen via de persoon en de school (in casu vestiging of campus).

kubus inschrijving
De kubus “inschrijving” laat zien wanneer in het schooljaar leerlingen/deelnemers zich in- en uitschrijven. De kubus volgt onder meer nauwlettend de overgang voortgezet onderwijs naar beroepsonderwijs. De kubus peilt tien keer per schooljaar inschrijvingen en (voortijdig) schoolverlaten gedurende de hele periode 12 tot 23 jaar.
En passant toont de “kubus inschrijving” ook de risicovolle perioden voor het voortijdig schoolverlaten en trajecten voorafgaand en aansluitend op het voortijdig schoolverlaten. De actuele verbeteringen betreffen:
– het uitlichten van de overgangsperiode van het vo naar het mbo;
– het aantal jaren vóór of ná de overgang van het vo naar het mbo/hbo;
– een nauwkeuriger afleiding van nieuwe en oude vsv’ers;
– het tonen van het voortijdig schoolverlaten van voormalige praktijkleerlingen;
– het tonen van terugkeer van voormalige schoolverlaters;
– het tonen van gekwalificeerden die onderwijs blijven volgen;
– het onderscheiden van schoolverlaten met startkwalificatie, vmbo/mbo1-diploma dan wel ongediplomeerd schoolverlaten;
– een betere afleiding van feitelijk en vermoedelijk volgen van hoger onderwijs.
De kubus “inschrijving” verder bij, hoe lang schoolverlaters op enig moment buiten het onderwijs zijn, óf bij terugkeer buiten het onderwijs zijn geweest.

De Loos Monitoring heeft de datamart onderwijs ontwikkelt.

De datamart is een veelzijdige bron voor monitoring en benchmarking. Meer hierover bij de “datamart onderwijs”.
De datamart onderwijs is in feite een stel, onderling samenhangende, informatiekubussen met landelijke onderwijsdata.

De voornaamste bronnen zijn:
. open onderwijsdata;
. basisgegevens bekostigd onderwijs;
. onderwijsresultaten (voorheen kwaliteitskaarten).

Deze informatiekubussen kunt u via deze pagina downloaden.
Open Onderwijsdata is in korte tijd verworden tot de centrale plaats waar datasets te vinden zijn:
. scholen en passend onderwijs
. opleidingen en diploma’s
. leerlingen en leerlingenstromen
. personeel
. financiën en bekostiging
. van primair tot wetenschappelijk onderwijs

Op de site staan de vijf recentste jaren. De Loos Monitoring beschikt over de datasets vanaf 1998/1999.
Ook via deze site staat de voormalige dataset (voor gemeenten): basisgegevens bekostigd onderwijs (BBO). Daar in staan onder meer:
. leerlingen primair onderwijs
. schoolwisselingen primair onderwijs
. trajecten speciaal onderwijs
. omvang opleidingen voortgezet onderwijs en beroepsonderwijs
. leeftijd en etnische herkomst voortgezet onderwijs en beroepsonderwijs
. woongemeenten en voortijdig schoolverlaten voortgezet onderwijs en beroepsonderwijs
. gediplomeerden voortgezet onderwijs en beroepsonderwijs
. gegevens over vestigingen, instellingen, besturen en samenwerkingsverbanden
. fusies, samenvoegingen, opheffingen en splitsingen

De onderwijsinspectie heeft een eigen site voor onderwijsdata. Maar ook is een deel beschikbaar via DANS.
Daar zijn de onderwijsresultaten voortgezet onderwijs (voorheen toezichtkaarten en daarvoor kwaliteitskaarten) te vinden met:
. examenresultaten
. cijfers op schoolexamens en centraal examens
. trajecten en snelheid onderbouw
. rendement bovenbouw
. oordelen onderwijsinspectie
. vestigingsgegevens
Voor de onderwijsresultaten is wel toestemming nodig van de onderwijsinspectie. Op de site van de onderwijsinspectie zelf kunnen vrijelijk datasets worden gedownload over:
. kwaliteitsindicatoren
. toezichtarrangementen
. steekproeven
. excellente scholen
. (zeer) zwakke scholen

De Loos Monitoring verwerkt deze dataset tot onderling samenhangende informatiekubussen.
Deze informatiekubussen kunt u voor een deel via deze site downloaden (zie voorbeelden).

Vooraf
Op basis van individuele onderwijsgegevens uit het BasisRegister OnderwijsNummer (BRON) kan een rijke diversiteit van analyses worden uitgevoerd.
Zo heeft De Loos Monitoring in opdracht van de gemeente Amsterdam, de vo-trajecten van voormalige basisschoolleerlingen opgemaakt en bekeken in welke mate het advies en de cito overeenkomen met de onderwijspositie vo, 3 jaar na de overgang.
Voor RMC Haaglanden heeft De Loos Monitoring bekeken, hoe de doorstroom van vmbo-scholen naar mbo-opleidingen in de regio Haaglanden verloopt en in welke mate er sprake is van een succesvol opleidingstraject van deze leerlingen in het mbo.
beschrijving BRON
Het Basisregister OnderwijsNummer bevat in- en uitschrijfgegevens, examen- en diplomagegevens van bekostigde instellingen in het voortgezet onderwijs en de beroeps- en volwasseneneducatie. De instellingen leveren deze gegevens, gekoppeld aan het onderwijsnummer of persoonsgebonden nummer, elektronisch aan bij DUO, waar ze worden geregistreerd in BRON.
advies standaardverwerking 2009
Op verzoek van de gemeente Amsterdam heeft De Loos Monitoring in 2009 een aanpak voorgesteld voor de verwerking van BRON-gegevens:
. een centrale verwerking tot informatiekubussen (daardoor kunnen kubussen beschikbaar worden gesteld aan stadsdelen, onderzoeksbureaus e.a., zonder dat de uitkomsten elkaar tegenspreken);
. vaste kenmerken en aggregaties toewijzen aan om. elementen en crebo’s;
. vaste set basisbewerkingen en afgeleide basisgegevens van betreffende trajecten, uitval en kwalificatie;
. grondslagen voor vaste peilingen, selecties en schoning van brongegeven; en
. eenduidige keuze voor historische vs. actuele kenmerken.
Dit advies heeft geresulteerd in een pilot-verwerking van de BRON-gegevens tot de kubus “rendement”.
kubus rendement vo en terugkoppeling bao 2010
De Loos Monitoring heeft voor Amsterdam de kubus rendement opgebouwd. De kubus rendement toont de individuele onderwijsposities op peildatum 15 januari sinds 2003.
De gemeente Amsterdam beschikte daarnaast over de individuele herkomstgegevens én over de individuele overgangsgegevens povo (basisschool, advies, eindtoets, behandelingswijze). De Loos Monitoring heeft deze drie bronnen tezamen genomen, om zo onder meer te laten zien in welke mate adviezen en onderwijsposities na 3 jaar overeenkomen. En of er sprake is van onder- of overadvisering in de verschillende wijken én of er verschillen zijn naar herkomst.
De individuele trajecten van voormalige leerlingen zijn op naam teruggekoppeld aan de basisscholen van herkomst.
In 2011 is daaraan toegevoegd de kwalificatiestatus op 15 januari:


VOROC-informatiekubussen 2010
Voor Spirit4You (RMC Haaglanden) is gezocht naar relevante kerncijfers voor een versterkte overgang vo->mbo:
. waarheen stromen tl/havo-schoolverlaters en pro-uitstromers;
. met welke bagage stromen leerlingen in op het mbo;
. wat zijn de successen in mbo, wat is het extern rendement van het vmbo;
. wat zijn de achtergronden van het voortijdig schoolverlaten.
Voor deze en andere vragen zijn er 14 kubussen opgebouwd. Elke kubus bevat een set ééncijfergegevens. Kubussen kunnen onderling worden gekoppeld op basis van individueel (omnummerd) leerlingnummer.
validatie kubussen 2011
Op verzoek van de gemeente Den Haag is een set van tests en logs ontwikkeld. Deze tests/logs waarborgen de kwaliteit en de validiteit van de informatie in de informatiekubussen.
ontwikkelde kubussen 2011
Er zijn diverse kubussen ontwikkeld die elke een deel van relevante zaken belichten. Hieronder een korte exposé. Een uitgebreidere beschrijving met voorbeeld kunnen worden gedownload:
. kubus ‘buiten onderwijs’ (datum/duur buiten onderwijs, actuele status én laatste school/opleiding/diploma);
. kubus ‘diplomering’ (diplomabezit bij aanvang schooljaar);
. kubus ‘examens’ (resultaat examen);
. kubus ‘inschrijving’ (maandelijkse peiling van inschrijvingen);
. kubus ‘instroom’ (school/opleiding/diploma van herkomst én wisselingen leerjaar/niveau/school/sector/leerweg);
. kubus ‘persoon’ (geslacht/geboortedatum);
. kubus ‘rendement’ (school/opleiding/diploma van bestemming én wisselingen leerjaar/niveau/school/sector/leerweg);
. kubus ‘startpositie’ (school/opleiding/diploma bij 15de verjaardag);
. kubus ‘kwalificatie’ (kwalificatiestatus en -niveau geleverd/afgeleid op teldatum 1 oktober en peildatum 15 januari);
. kubus ‘vooropleiding’ (school/opleiding/diploma vorige opleiding).

Voor de terugkoppeling aan de scholen zijn voor Amsterdam beschikbaar:
. overgangsgegevens (schoolkeuzeadvies, eindtoetsresultaat en -advies, behandelingswijze, resultaat 3de jaar VO);
. etnische herkomst;
. naam van leerlingen.
Voor RMC Mondriaan is beschikbaar:
. cursistengegevens (onderwijslocatie, leerweg).
Verder is beschikbaar:
. publieke locatienamen in plaats van formele schoolnamen;
. stadsdelen/deelgemeente (woonachtig en onderwijslocatie) in plaats van plaats.
De verwachting is om op termijn overgangsgegevens vo->mbo toe te voegen aan de kubussen. Hierdoor kunnen mbo-trajecten en uitval in het mbo worden vergeleken hoe de overgang is verlopen, welke risicoïndicaties er bekend zijn en of de nieuwe deelnemers in eerder begeleidingstrajecten hebben gezeten.

Vanaf 29 maart 2011 is er een update beschikbaar van de basisgegevens bekostigd onderwijs 2011. Zie verder ook onder “relevante artikelen” hiernaast.
De BBO-levering bevat de recentste landelijk gegevens op vestigingsniveau over:
– aantallen leerlingen naar onderwijsvorm, opleiding en gewicht (AT-telling);
– aantallen gediplomeerden naar opleiding (DP-telling);
– aantallen leerlingen naar (etnische) herkomst (CU- & ET-telling);
– aantal typewisselingen primair onderwijs (IN- & UI-telling);
– aantal schoolwisselingen primair onderwijs (BH- & SH-telling);
– aantal voortijdig schoolverlaters inclusief omvang basispopulatie naar woongemeente (WG- & VS-telling);
– Bestuur/Vestiging/Fusies (NAW- & FUS-leveringen).
In de datamart onderwijs worden de meest recentste tellingen toegevoegd aan de historische tellingen. Daarbij worden gemeenten (herindelingen) en vestigingen (fusie) en opleidingen (was/wordt) geactualiseerd. De actuele labels worden toegevoegd aan codes en worden gekoppeld aan de (binnen datamart onderwijs integraal) gehanteerde dimensies.
De datamart onderwijs BBO is vrijelijk beschikbaar via deze site.
U kunt ook via deze site uitsluitend de recentste gegevens downloaden, dus zonder historische leveringen, definitieve naleveringen, toelichtingen en bijlagen. Zie hiervoor onder “voorbeelden”. U kunt uw opmerkingen en vragen kwijt via rinus@deloos.net.

Sinds jaar en dag levert DUO-informatieproducten de set “basisgegevens bekostigd onderwijs” (BBO) per 1 februari. Sinds 2010 verloopt de beschikbaarstelling niet goed: er vindt geen onderhoud plaats en de levering verschoof verder op in de tijd.
Gemeenten, onderwijsadviseurs (-begeleiders, -onderzoekers) en administratiekantoren (en gespecialiseerde leveranciers) worden verwezen naar de etalagebestanden op “feiten & cijfers” (F&C).
De etalagebestanden voorzien voor velen afdoende in de hun informatiebehoefte. Dit betreft in veel gevallen informatieafnemers die minder nauw betrokken zijn bij het onderwijs (studenten, bedrijven, instellingen) of waarvoor deze informatie niet de kern van hun werkzaamheden of producten raakt (bv. GGD’s, enquêtebureaus).
Etalagebestanden zijn evenwel ontoereikend in geval van gemeenten, onderwijsadviseurs en -leveranciers; Zij hebben behoefte aan meer gedetailleerde gegevens en/of specifieke analyses.
Gemeenten gebruikt de BBO voor de uitvoering van hun wettelijke taken, zijn lokaal leverancier van geconsolideerde basisinformatie én kunnen hiermee hun rol innemen als voorname lokale belanghebbende.
Onderwijsadviseurs en -leveranciers gebruiken deze bestanden voor om. verdiepte analyses, benchmarks, publieke indicatoren, managementinformatie toepassingen, verkenningen en validering.
De beschikbaarstelling van de BBO-set voorziet in een lacune voor gespecialiseerde afnemers, sinds DUO geen maatanalyses voor derden levert.
Het ministerie was niet op de hoogte van deze dringend behoefte bij gemeenten, onderwijsadviseurs en -leveranciers, en had tot op heden de BBO’11 nog niet beschikbaar gesteld. Ook onderschatte het ministerie het belang van de tijdigheid. De gegevens waarover het ministerie beschikt zijn namelijk van een hoge kwaliteit. Centrale beschikbaarstelling levert een aanzienlijk efficiëntieverbetering voor gegevensleveranciers (in casu de scholen).
In overleg met een vertegenwoordiging van de G31 en van externe onderwijsspecialisten, heeft DUO toegezegd (10 maart 2011) dat deze alsnog voor het einde van het maand beschikbaar wordt gesteld via hun site.
Daarna zal stap voor stap (en in overleg) de aloude BBO verhuizen naar de huidige publieke (en afgeschermde) portals van DUO-informatieproducten. Daarbij zullen ook andere partijen worden betrokken (wo. VNG, VSO, LVO).

tijdelijke regeling voegsignalering
De stichting Thuiszorg Den Haag en de gemeente streefden naar een sluitende aanpak voor 0 tot 6-jarigen. Dit beleid kon mede worden gerealiseerd, binnen de kaders van de “tijdelijke regeling voegsignalering (TRV)”.
De tijdelijke regeling vroegsignalering was ambitieus. Voor een sluitende aanpak dienden allerhande onderdelen van het takenpakket van de consultatiebureaus te worden toegesneden op de vroegsignalering:
. vergroten bereik consultatiebureaus door extra oproepen, huisbezoeken en interne en externe groepsconsulten
. vergroten inzicht “niet verschijnen”, “verhuizingen”, “begeleiding door huisartsen” en “kwetsbare groepen”
. identificatie van risicokinderen
. advisering en toeleiding
. registratie en evaluatie
. afstemming met functie ‘spoorloze kinderen’
. deelname in de stadsdelen in de netwerken 0 6 en casuïstiek-netwerken
. dossieroverdracht aan andere consultatiebureaus bij verhuizingen en aan JGZ bij 4-jarigen.
De gemeente wilde voortvarend deze nieuwe taak oppakken en de stichting in de gelegenheid stellen daarvoor de benodigde maatregelen te nemen. Gezien de veelvormigheid van de doelstellingen en de veelheid van betrokkenen een intensief traject.
inrichten TRV-registratie
Noodzakelijk voor een sluitende aanpak was een sluitende registratie. Vanuit de tijdelijke regeling voegsignalering werden overheidswege aanzienlijke en specifieke evaluatie-eisen gesteld. De Loos Monitoring richt zich op een verbeterde registratie van bereik, signalering, advies, aanbod en TRV-activiteiten. Ook vertaalde De Loos Monitoring de evaluatieverplichtingen naar te registreren gegevens en leverde de consultatiebureaus hiervoor een systematiek. De registratie is door De Loos Monitoring aangepast op de volgende punten:
. eenvoudiger in te vullen door consultatieartsen, wijkverpleegkundigen en/of assistenten op de consultatiebureaus;
. betere aansluiting op bestaande praktijk op de consultatiebureaus
. samenvoeging de functies planning, presentie, registratie, verwijzing, verantwoording en evaluatie
. geschikt voor zuigelingen, peuters, groepen en teams
. voor registratie op zitting, huisbezoeken of elders
. ook voor TRV-activiteiten spreekuur, bijeenkomst, oudercursus, samenwerking en bijscholing
. inclusief ‘afvinken’ na diverse controles
De Loos Monitoring organiseerde en realiseerde een centrale verwerking van bijna 80.000 consulten.
analyse vroegsignalering
De stichting Thuiszorg Den Haag en de gemeente hadden de gezamenlijke wens om in de regio voegsignalering verder in beeld te brengen: verbeteringsgerichte informatie en toegesneden op de populatie in de regio en samenwerkingen in de regio:
. welke aandachtsgroepen op welke wijze en in welke mate bereikt werden
. welke bevindingen de consultatiebureaus deden, uitgesplitst naar deelgebieden en doelgroepen
. in welke mate en op welke wijze jongere kinderen werden begeleid en toegeleid
. en welke instellingen (cb’s, voorscholen, psz) daarbij in welke mate betrokken waren
Gezien de krappe tijdsspanne heeft De Loos Monitoring vooraleerst ervoor zorg gedragen, dat de gemeente kon voldoen aan de evaluatieverplichting richting het rijk.
De Loos Monitoring leverde daarnaast een standaard managementrapportage en een beleidsrapportage, waarmee eenvoudig de laatste ontwikkelingen en de huidige stand van zaken konden worden beoordeeld.